Overzicht

Over SWV VO

‘De leerling is van ons allemaal’

Voor passend onderwijs werken scholen samen in regionale samenwerkingsverbanden. Samen maken ze afspraken om ervoor te zorgen dat alle leerlingen het best passende onderwijs krijgen

Wij zijn het samenwerkingsverband SWVVO3101 Noord-Limburg, een van de 75 samenwerkingsverbanden voor passend voortgezet onderwijs in Nederland. Ons werkgebied zijn vier gemeenten in Noord-Limburg: Horst aan de Maas, Peel en Maas, Venlo en Venray.

In onze regio vind je negen scholen voor regulier voortgezet onderwijs, waaronder praktijkonderwijs, en vier scholen voor voortgezet speciaal onderwijs (vso). Daarnaast hebben we enkele vso-scholen buiten de regio die onderwijs aanbieden aan leerlingen uit onze omgeving.

Wil je meer weten over ons werkgebied? >> Meer over ons werkgebied

 

Wie zijn we?

Samenwerkingsverband SWVVO3101 is het samenwerkingsverband dat verantwoordelijk is voor passend voortgezet onderwijs in de regio Noord-Limburg. In deze regio hebben we een professioneel en leergierig netwerk opgebouwd om ervoor te zorgen dat alle leerlingen het best passende onderwijs krijgen

Wat doen we?

Voor het samenwerkingsverband gaat het om het bieden van onderwijs dat aansluit bij de behoeften en mogelijkheden van elke leerling, en dat zo thuisnabij mogelijk. Ons doel is dat elke leerling zich goed kan ontwikkelen en uiteindelijk kan doorstromen naar een vervolgopleiding, een baan of een passende dagbesteding.

We bieden een dekkend netwerk van onderwijs, met zowel regulier onderwijs als speciaal onderwijs. Zo krijgt ieder kind de kans om zich maximaal te ontplooien.

Waar staan we voor?

1. Passend onderwijs voor alle leerlingen

Elke leerling heeft recht op passend onderwijs. Dit is niet exclusief voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften. Goed onderwijs staat centraal.

2. Pedagogisch optimisme

We denken en handelen vanuit ontwikkelingskansen van leerlingen.

3. Onderwijs dichtbij huis en school

We gaan uit van regulier wat kan, speciaal wat moet. Op tijdelijke basis streven we naar effectieve samenwerkingsvormen tussen regulier en gespecialiseerd onderwijs.

4. Inclusief denken

Voor alle leerlingen willen we de meest passende onderwijsvorm zoeken en vinden. Ze mogen nooit tussen wal en schip belanden.

5. Samenwerken op alle niveaus

We gaan uit van gezamenlijke verantwoordelijkheid. Van de verschillende onderwijspartners, maar ook met en van de verschillende ketenpartners vanuit jeugdzorg en gemeenten.

6. Eigenaarschap van leerling(en) en ouders bevorderen

We stimuleren de eigen verantwoordelijkheid, kracht en participatie van leerling en ouders.

7. De leraar staat centraal

Prioriteit is de leraar met zijn of haar groep. Ook hier geldt dat we zoveel mogelijk uitgaan van de eigen verantwoordelijkheid van de leraar. Onze ondersteuning is gericht op het versterken van de mogelijkheden van de leraar.

8. Efficiënt en effectief ondersteunen in de school

Leraren krijgen binnen de school ondersteuning om passend onderwijs voor alle leerlingen te realiseren.

9. Speciale onderwijsvoorzieningen zijn nodig

Niet alles kan binnen het reguliere onderwijs. Gespecialiseerde onderwijsvoorzieningen blijven nodig voor een dekkend netwerk van onderwijsondersteuning.

10. Betaalbaar met zo min mogelijk bureaucratie

De omvang van gespecialiseerde onderwijsvoorzieningen moet beheersbaar zijn. We proberen de toelaatbaarheid tot deze voorzieningen zo efficiënt mogelijk te organiseren.

De organisatie

Het bestuur van het samenwerkingsverband bestaat uit bestuurders of vertegenwoordigers vanuit de diverse schoolbesturen. De directeur van het samenwerkingsverband heeft de dagelijkse leiding over het samenwerkingsverband.

Meer over:

Onze partners

Goed passend onderwijs lever je niet alleen. Dat doen we samen met verschillende partners.

Ketenpartners
De ondersteuningscoördinatoren onderhouden contact met de ketenpartners van het onderwijs. Denk aan de leerplichtconsulent, jeugdarts en gedragswetenschapper. Scholen kunnen bij de ketenpartners terecht wanneer ze handelingsverlegenheid ervaren of wanneer een leerling met zijn problematiek te hoge druk uitoefent op het primaire proces. Ook bij een ‘niet-pluis-gevoel’ kan een school beroep doen op de ketenpartners. De ketenpartners leggen casussen voor aan de scholen en betrekken ze bij de aanpak. Uitgangspunt is altijd 1 kind, 1 gezin, 1 plan.

Daarnaast werkt het samenwerkingsverband nauw samen met: